k keuzedelen.info
K1276 aB Verdiepend

Instructeur kajakken, kanoën enraften

240 SBU SBB: zorg, welzijn en sport 0 opleidingen kunnen dit kiezen
🤔

Zelf bouwen of inkopen?

🛠 Zelf bouwen
Studielast voor de student is 240 SBU. Reken voor docent-tijd ruwweg 30–60 uur aan voorbereiding, lesmateriaal en toetsing.
Voordeel: volledige controle. Risico: tijd + afhakers.
🤝 Inkopen bij aanbieder
Smallere markt (0 opleidingen) — minder aanbieders maar mogelijk specialisten.
Voordeel: snel + bewezen. Kosten: wisselend.
🛒

Beschikbaar bij

1 aanbieder biedt kant-en-klare content voor dit keuzedeel — klik door voor reviews en aanvragen.

B
Boom uitgevers
Educatieve uitgever
Samen maken we werk van onderwijs.

Bron: openbare aanbod-overzichten van de aanbieders zelf. Mist hier een aanbieder die dit keuzedeel ook levert? Vraag hier of de aanbieder een verbetering aan via hun pagina.

Algemene informatie

Beschrijving van het keuzedeel

De beginnend beroepsbeoefenaar specialiseert zich tot instructeur in het kajakken, kanoën of raften. Hij leert om instructie te verzorgen aan (groepen) sporters en recreanten om kajakken, kanoën or raften aan te leren, dan wel om de sportvaardigheden van de sporter of recreant te vergroten of te bestendigen. Dit vindt plaats op vlak water, in een zwembad, in de branding op zee of op (licht) stromend water tot maximaal wildwater niveau I. Om na te gaan welke vorderingen de sporter maakt, neemt hij vaardigheidstoetsen af. Hij leert om sporters te enthousiasmeren en te begeleiden. Daarnaast leert hij assisterend sportkader aan te sturen bij de voorbereiding en uitvoering van de instructie of bij afname van vaardigheidstoetsen binnen het kajakken, kanoën or raften. NB: In dit keuzedeel wordt met "sporters en recreanten" bedoeld: mensen die gedurende één dag of meerdere dagen en op één of meerdere momenten deelnemen aan het kajakken, kanoën en/of raften met als doel sport te beoefenen of recreatie te bedrijven. Waar "hij/zijn" staat kan ook "zij/haar" of "de instructeur/diens" worden gelezen.

Relevantie

Landelijk en regionaal is het kajakken, kanoën en raften in ontwikkeling, zowel voor de sport als voor de recreatie. De vraag naar instructeurs die op een veilige en verantwoorde manier kunnen instrueren neemt toe. Dit keuzedeel biedt de beginnend beroepsbeoefenaar de mogelijkheid om zich te specialiseren in zijn vakgebied door zich te bekwamen in het geven van instructie in het kajakken, kanoën of raften. Hij specialiseert zich daarmee in het motorisch leren binnen het kajakken, kanoën of raften. Met dit keuzedeel wordt de beginnend beroepsbeoefenaar breder inzetbaar omdat hij bekwaam is in extra sporten. Hierdoor heeft hij meer mogelijkheden om een regulier aantal uren te werken, bijvoorbeeld doordat hij meer mogelijkheden heeft om binnen zijn baan meerdere activiteiten op zich te nemen, dan wel om meerdere ‘kleine’ banen te combineren.

Toelichting

In het basis- en profieldeel van de kwalificatie sport en bewegen op niveau 3 en 4 wordt de beginnend beroepsbeoefenaar breed opgeleid om een groot scala aan sporten aan te kunnen bieden. In dit keuzedeel specialiseert de beginnend beroepsbeoefenaar zich in het verzorgen van instructie binnen het kajakken, kanoën of raften met als doel om sporters en (eenmalige en/of terugkerende) recreanten het kajakken, kanoën of raften aan te leren of om hem vaardiger te maken. Kennis van motorisch leren in het kajakken, kanoën of raften en vaardigheden om het motorisch leren te stimuleren zijn kenmerkend voor de instructeur. N.B. Wanneer de student zich al heeft gespecialiseerd in kajakken, kanoën of raften via onderdelen van de kwalificatie, kan dit keuzedeel niet worden gevolgd in het kader van de keuzedeelverplichting van de student. Het gekozen keuzedeel moet een nieuwe instructeur context toevoegen.
Studielast
240 SBU
Aard
Verdiepend
Certificaat
Nee
Beroepsvereisten
Nee
Branchevereisten
Nee
Gevalideerd
02-07-2021
Sectorkamer
zorg, welzijn en sport
Bron
SBB-PDF →

Uitwerking

1 kerntaak, elk met 0 werkprocessen. Klik om uit te klappen.

D1-K1
Verzorgt lessen in kajakken, kanoën of raften
4 werkprocessen · 29 kennis/vaardigheden

Complexiteit

De beginnend beroepsbeoefenaar verzorgt lessen in kajakken, kanoën en raften. Hij leert (jeugdige) deelnemers (sporters en recreanten) de vaardigheden/techniek van het kajakken, kanoën of raften. Hij past daarbij specialistische kennis van kajakken, kanoën of raften toe en instructievaardigheden en didactische vaardigheden om de (motorische) vaardigheden van de sporter of recreanten in het kajakken, kanoën en raften aan te leren, te verbeteren of te bestendigen. Hij past daarbij ook begeleidingsvaardigheden en motivatietechnieken toe. Hij werkt daarbij veelal volgens standaardprocedures. Bij stagnatie van het motorische ontwikkelingsproces zal hij passende interventies moeten bedenken om vooruitgang te (blijven) boeken. Een complicerende factor in het instrueren van sporters recreanten is omgaan met het stromende water. Dit zorgt voor een andere beleving die gepaard kan gaan met angst voor sporters en deelnemers. Daardoor zijn de aangeleerde motorische vaardigheden noodzakelijk om aan de activiteit deel te nemen. Het is de taak van de beginnend beroepsbeoefenaar om zorg te dragen voor een veilige en verantwoorde uitoefening van de sport.

Verantwoordelijkheid en zelfstandigheid

De beginnend beroepsbeoefenaar is meestal medewerker bij een buitensportbedrijf dat het kajakken, kanoën en/of raften aanbiedt. Hij verzorgt zelfstandig lessen in het kajakken, kanoën of raften en legt daarin verantwoording af aan zijn leidinggevende. Hij werkt daarbij in voorkomende situaties met collega’s en assisterend sportkader en soms met samenwerkingspartners. De beginnend beroepsbeoefenaar draagt verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van zijn eigen werkzaamheden en bewaakt ten aller tijden de veiligheid van de sporters die (sportief en recreatief) het kajakken, kanoën of raften beoefenen. Voor aanvang maakt de beginnend beroepsbeoefenaar een inschatting of een sporter of recreant voldoende in staat is om deel te nemen aan de lessen.

Vakkennis en vaardigheden

De beginnend beroepsbeoefenaar:

  • § heeft brede en specialistische kennis van het kajakken, kanoën en raften
  • § heeft brede en specialistische kennis van materialen en middelen die gebruikt worden bij het kajakken, kanoën of raften
  • § heeft kennis van de infrastructuur in het kajakken, kanoën en raften (zoals verenigingen, bonden,
  • samenwerkingsverbanden)
  • § heeft kennis van de gevaren van de verschillende watertypes (bijv. riviermorfologie), het weer en de natuur
  • § heeft kennis van didactiek in relatie tot het kajakken, kanoën of raften
  • § heeft kennis van motorisch leren in het kajakken, kanoën of raften
  • § heeft kennis van sociale en fysieke veiligheid tijdens het kajakken, kanoën en raften
  • § kan zelfstandig of assisteren bij reddingen en uitvoeren van reddingshandelingen
  • § kan adviseren over sportkleding en -schoenen, materiaal en voeding in relatie tot het kajakken, kanoën of raften
  • § kan de vaardigheid van de sporters en recreanten beoordelen met beoordelingscriteria die gehanteerd worden
  • § kan handelen overeenkomstig de gedragscode van het kajakken, kanoën of raften
  • § kan kortetermijn en (middel)langetermijn doelstellingen opstellen voor de sporters of recreanten
  • § kan oefeningen aanpassen aan het vaardigheidsniveau van de sporter of recreant en/of de omstandigheden
  • § kan op basis van nieuwe inzichten, feedback, toets- en/of evaluatiegegevens zijn aanpak aanpassen
  • § kan planmatig/resultaatgericht werken en draagt de zorg voor een goede voorbereiding (startklaar zijn)
  • § kan samenwerken met betrokkenen
  • § kan procedures, richtlijnen en gebruiken van het kajakken, kanoën of raften uitleggen
  • § kan toezien en sturen op het naleven van procedures
  • § kan de sporter en het sportkader motiveren en enthousiasmeren
  • § kan de sporter of recreant feedback en aanwijzingen geven op basis van analyse van de uitvoering
  • § kan sportief en respectvol gedrag stimuleren van sporter en betrokkenen
  • § kan vaardigheid in het kajakken, kanoën of raften aan de sporter of recreant aanleren
  • § kan voorbeeldgedrag tonen op en rond de locatie
  • § kan zijn werkzaamheden evalueren
  • § kan op passende wijze het zwemniveau van deelnemers inschatten
  • § kan ter instructie de benodigde vaardigheden voordoen aan sporters en recreanten
  • § kan de recreant motiveren en enthousiasmeren
  • § kan zorgdragen voor een prettig sportklimaat

Werkprocessen (4)

D1-K1-W1 Bereidt instructieprogramma voor
Omschrijving

De beginnend beroepsbeoefenaar verzamelt informatie over de beginsituatie, verwachtingen en ambities van de sporter(s)/ recreant(en) en de omstandigheden. Hij brengt veiligheidsrisico's en scenario's van ongewenste gebeurtenissen in kaart en stelt een risicoanalyse op. Met de verzamelde gegevens stelt hij een lesplan of activiteitenplan op voor de gewenste periode. Hij werkt het lesplan uit in een lesprogramma. Hij informeert betrokkenen over het lesplan en de les(sen) of informeert de recreanten over het activiteitenprogramma. De beginnend beroepsbeoefenaar maakt duidelijk de toegangseis bekend voor het kajakken, kanoën en/of raften, namelijk een zwemvaardigheid op niveau C en controleert het zwemniveau indien nodig.

Resultaat

Er is een risicoanalyse opgesteld en een verantwoord lesplan dat aansluit bij de beginsituatie en de ambitie van de sporter(s)/recreant(en). Het lesprogramma sluit nauw aan op het lesplan en het activiteitenprogramma op de activiteit. Betrokkenen (sporters of recreanten) zijn volledig geïnformeerd. Sporters en recreanten met een te laag zwemniveau zijn geïnformeerd over de toegangseisen voor het veilig deelnemen aan het kajakken, kanoën of raften.

Gedrag
  • De beginnend beroepsbeoefenaar:
  • stelt voorafgaand aan de instructie kritisch het zwemvaardigheidsniveau (diploma C) van de sporters en recreanten vast
  • handelt op de juiste manier bij een te laag vastgesteld zwemniveau en geeft advies over vervolgstappen
  • betrekt diverse aspecten adequaat bij het in kaart brengen van de risico's en scenario's voor onveilige situaties, zoals het weer,
  • geografische omstandigheden en het niveau van de sporter of recreant
  • formuleert realistische doelstellingen voor zijn les(sen) of activiteit(en)
  • stemt het lesprogramma of activiteitenprogramma effectief af op de beschikbare tijd en middelen
  • zorgt voor een verantwoorde lesopbouw of activiteit
  • sluit effectief aan bij het vaardigheidsniveau van de sporter(s)/recreant(en)
  • informeert juist en volledig
  • De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Plannen en organiseren, Op de behoeften en verwachtingen
  • van de "klant" richten, Samenwerken en overleggen, Beslissen en activiteiten initiëren, Instructies en procedures opvolgen
Onderliggende competenties
Beslissen en activiteiten initiëren Instructies en procedures opvolgen Op de behoeften en verwachtingen van de "klant" richten Plannen en organiseren Samenwerken en overleggen Vakdeskundigheid toepassen
D1-K1-W2 Voert lessen in kajakken, kanoën of raften uit
Omschrijving

De beginnend beroepsbeoefenaar bereidt elke les of activiteit voor: hij bepaalt het doel van de les of activiteit alsook welke oefeningen en welke materialen en middelen hij inzet. Vervolgens voert hij de les of activiteit uit. Hij geeft informatie en instructie, demonstreert vaardigheden en enthousiasmeert de sporter(s)/recreant(en). Hij observeert bij de uitvoering van de oefeningen door de sporter(s)/recreant(en) en geeft feedback of aanvullende instructie en/of past de oefening aan. Hij sluit de les of activiteit af. Hij informeert de sporters of recreanten en/of de ouders/betrokkenen over relevante zaken en geeft tips.

Resultaat

De beginnend beroepsbeoefenaar heeft de les op enthousiasmerende en deskundige wijze uitgevoerd. Gestelde doelstellingen zijn gerealiseerd. Sporters/recreanten en/of betrokkenen zijn geïnformeerd.

Gedrag
  • De beginnend beroepsbeoefenaar:
  • zorgt voor een deskundige opbouw en afbouw van de les of activiteit
  • kiest passende oefeningen, werkvormen, materialen en middelen om gestelde doelen te realiseren
  • geeft duidelijke instructie
  • bewaakt de sociale en fysieke veiligheid van de lessituatie of activiteit
  • vaart goed met dubbele peddel
  • is vaardig in het uitvoeren van reddingshandelingen in stromend water
  • doet op kundige en instructieve wijze reddingshandelingen voor
  • sluit effectief aan op het niveau, de ambitie en de (fysieke) mogelijkheden van de sporter of recreant
  • stemt zijn gedrag en omgangsvormen flexibel af op de sporter of recreant en/of betrokkenen
  • past interventies tijdig en adequaat toe
  • D1-K1-W2: Voert lessen in kajakken, kanoën of raften uit
  • voert de les of activiteit efficiënt uit binnen de beschikbare tijd
  • De onderliggende competenties zijn: Begeleiden, Presenteren, Vakdeskundigheid toepassen, Materialen en middelen
  • inzetten, Plannen en organiseren, Op de behoeften en verwachtingen van de "klant" richten, Kwaliteit leveren
Onderliggende competenties
Begeleiden Kwaliteit leveren Materialen en middelen inzetten Op de behoeften en verwachtingen van de "klant" richten Plannen en organiseren Presenteren Vakdeskundigheid toepassen
D1-K1-W3 Neemt vaardigheidstoetsen in het kajakken, kanoën of raften af
Omschrijving

De beginnend beroepsbeoefenaar treft voorbereidingen voor het afnemen van een vaardigheidstoets om informatie te verkrijgen over de bekwaamheid van de sporter/recreant. Hij zorgt dat voldaan wordt aan de eisen ten aanzien van inrichting van de beoordelingssituatie en de beoordeling. Hij neemt de toets af. Op basis van de verkregen informatie beoordeelt hij de bekwaamheid van de sporter/recreant. Deze informatie deelt hij met de sporter/recreant en eventueel andere betrokkenen. In voorkomende situaties reikt hij vaardigheidsbewijzen uit.

Resultaat

De beginnend beroepsbeoefenaar heeft de vaardigheidstoets op deskundige wijze afgenomen. In voorkomende situaties zijn vaardigheidsbewijzen uitgereikt.

Gedrag
  • De beginnend beroepsbeoefenaar:
  • zorgt voor een juiste inrichting van de beoordelingssituatie
  • verzamelt voldoende relevante gegevens over de vaardigheid van de sporter/recreant
  • trekt de juiste conclusies uit de verkregen informatie
  • handelt overeenkomstig de geldende procedures en voorschriften
  • De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Onderzoeken, Instructies en procedures opvolgen
Onderliggende competenties
Instructies en procedures opvolgen Onderzoeken Vakdeskundigheid toepassen
D1-K1-W4 Stuurt assisterend sportkader aan
Omschrijving

De beginnend beroepsbeoefenaar stuurt assisterend sportkader aan bij uitvoering van de lessen of activiteiten en/of de vaardigheidstoetsen. Hij informeert en instrueert de assistent(en) over de uit te voeren ondersteuning bij de lessen of activiteiten en/of de vaardigheidstoetsen. Hij observeert het handelen van de assistent(en) alsook de wijze van begeleiding van de sporter/recreant en stuurt zo nodig bij. Hij bespreekt de uitvoering van de taken met de assistent(en).

Resultaat

De beginnend beroepsbeoefenaar heeft het assisterend sportkader op enthousiaste wijze aangestuurd. De assisterende taken zijn juist uitgevoerd.

Gedrag
  • De beginnend beroepsbeoefenaar:
  • enthousiasmeert het assisterend sportkader voor de uit te voeren taken
  • formuleert opdrachten die passen bij de taken van het assisterend sportkader
  • observeert zorgvuldig en objectief
  • trekt juiste conclusies uit verkregen gegevens
  • gaat vertrouwelijk om met verkregen informatie
  • De onderliggende competenties zijn: Aansturen, Begeleiden, Ethisch en integer handelen, Analyseren, Onderzoeken
  • 6 van 6
Onderliggende competenties
Aansturen Analyseren Begeleiden Ethisch en integer handelen Onderzoeken

Welke scholen geven dit?

Top 1 scholen op aantal studenten dat dit keuzedeel koos.

School Studenten Opleidingen
ROC Alfa-college 2 2

Welke opleidingen kunnen dit kiezen?

Geen actieve koppelingen in SBB-data.

Heb jij dit keuzedeel gegeven?

Schrijf een review voor collega-onderwijsmanagers en docenten. Verificatie via je school-mailadres.

Stel mij op de hoogte (Release 2)